Over manische depressiviteit: symptomen in het algemeen

De vele kenmerken die komen kijken bij een bipolaire stoornis, zijn voor een groot deel uitvergrotingen van menselijk gedrag. Zo is iedereen wel angstig, heeft iedereen wel eens moeite met slapen, gaan mensen gebukt onder een zekere triestheid af en toe. Zulke kwesties zijn niet perse rijp voor de diagnose ‘stoornis’. Anders gezegd: wie een dip heeft of een keer / een periode slecht slaapt, is nog niet ziek. Belangrijk is ook te weten dat iemand als ik het niet erg vind als zulke angst of slaapproblemen of triestheid voorkomt in mijn leven: we hebben allemaal wel eens last van een dipje, van wat tegenslag, wat onzekerheid, angst, verdriet, enzovoorts.

Het wordt compleet anders wanneer meerdere symptomen, verschijnselen tegelijk optreden en als die bovendien toenemen in intentie en frequentie. Dat wil zeggen: wanneer bijvoorbeeld angst of triestheid dagelijkse kost worden, en bovendien groter worden dan daarvoor, en dat ook nog eens in toenemende mate. Dan gaat het de verkeerde kant op. Wanneer bovendien de hoeveelheid symptomen, die ik de volgende keren zal beschrijven vanuit zowel het handboek van psychiaters als vanuit mijn zo goed als dagelijkse praktijk, steeds meer en steeds ingrijpender worden (steeds meer invloed op het leven krijgen), dan gaat het mis.

Ik wil die symptomen, die verschijnselen beschrijven om anderen duidelijk te maken dat het geen grap is. Geen faken. Geen keuze. Geen wens. Ik wil ook duidelijk maken dat ik – als levensgenieter, als intellectueel, als creatieveling – hier niet op zit te wachten. En dat ik er slecht tegen kan als onwetende mensen allerlei onzin uitkramen over mensen met psychische ellende en met de meeste stupide oplossingen komen aanzetten. Hoewel sommige van die handreikingen voor de een wellicht nuttig zijn, is het niet zo dat er een of twee methodes zijn die altijd werken.

Tot slot nog een opmerking over de reden waarom ik open ben over mijn soms volslagen disfunctionele brein: iedereen kan psychisch onderuit gaan. Het brein is niet zo stabiel. Erger: het brein is vrij makkelijk stuk te maken. Beetje psychologische druk, wat oncontroleerbare life events, bepaalde voedingsstoffen die een verwoestend effect op het brein kunnen hebben, genetische kwesties, een adertje dat knapt. Alle ellende schuilt net als beschaving onder een dun laagje chroom onder het functioneren van ons denken en ons brein.

We weten nog maar weinig van ons psychisch functioneren. Omdat het meestal, zo vaak goed gaat, is de gedachte dat het onze geest eigenlijk constant is, een verkeerde. Ook is het niet zo dat iemand perse een bepaalde persoonlijkheid heeft waardoor hij of zij last krijgt van psychische problemen. Dat kan wel, trouwens. Iemand met een laag zelfbeeld, om wat te noemen, of met weinig sociale vermogens, of met beperkte intelligentie, of niet kunnen genieten of lachen, kan last krijgen van psychische stoornissen. Dat hoeft echter niet zo te zijn. Kijk ik naar mijzelf, dan ben ik gezegend een sterk zelfbeeld. Sterker, ik ben eerder arrogant. Zelfbewust. Vol zelfvertrouwen. Ik ben ook niet a-sociaal, niet-sociaal, antisociaal. Ik heb mijn vrienden, familie, sport, etc. Ik ben daarnaast ook nog fokking intelligent :-), en dat gaat ook nog eens samen met humor en genieten. Ik heb mijn dromen en idealen en wil iets bereiken, naast dat wat ik al bereikt heb. Maar de ideale schoonzoon? Nou, nee.

Na dat alles gezegd hebben, en dat moest gezegd worden want de combinatie ‘psyche en problemen’ wordt snel verkeerd begrepen, moet me nog een ding van het hart. Het is lastig om een ander duidelijk te maken wat er loos is. Dat begint er al mee dat anderen niks kunnen zien. Bovendien, wanneer wijkt gedrag af? Als je dood wilt? Als je eetpatroon rigoureus verandert? Als je ruzie krijgt op straat en mensen klappen geeft? Wanneer je de gordijnen dichttrekt en niet meer uit bed komt? Wat voor de een normaal is, is voor de ander een teken dat het niet goed is. Wat iemands normaal doen en laten is, maar ook wat de samenleving nog accepteert, dat speelt mee. Maar dan nog: als het maar even duurt, een keer of een paar dagen, is het dan mis met iemand? Nee, niet perse. En: het beschrijven van een manie en/of depressie kan niet anders dan door middel van taal. Woorden, metaforen, beelden. Helaas is dat talige maar een benadering van wat bij de meesten en in ieder geval bij mij aan de hand is.

De volgende afleveringen, een stuk of achttien gaan over de symptomen en hoe ik die ervaar, hoe ik die zou be- of omschrijven.

Overigens, als je gaat herkennen in de diverse verschijnselen, praat er met iemand over. Ik zal deze aanbeveling af en toe herhalen, hoewel ik er meteen bij zeg dat mensen met psychische stoornissen zulke ‘hulp bij hoofdzaken’ (dat was de titel van een boek dat een jaar of tien geleden zou zijn uitgekomen en dat ik met een psychiater zou schrijven, maar dat nog steeds op de plank ligt) niet altijd wordt gezocht.

© Rick Ruhland 2019

Advertisements

Brieven Aan Koning Therapeut 26

Baby,

Ik heb een neef als geen andere. Hij poept op de hoek van elke straat die begint met de letter K.

Nooit een andere straat. Nooit halverwege.

Nou ja.

Groet,
Je broer

© Rick Ruhland 2019

Proefschrift van de week

Titel: Walnoottherapie: depressiviteit en de keuze van voedsel. Auteur: Bea Touwman.

Samenvatting: Het brein van de soort Homo Sapiens is een toevalstreffer. Een verzameling cellen met verbindingen die miljarden stroompjes kunnen genereren, en zelfs op een enkele dag zoveel energie en elektriciteit maken dat een LED-lamp ervan kan branden.

Vanuit de menselijke ontwikkeling bezien kent het brein twee invloeden, aldus Touwman. Ze gaat er niet echt op in, maar meldt het haast terloops. De ene invloed is die van de omgeving op de ontwikkeling van het brein en hersenen – op microgenetisch, ontogenetisch en sociogenetisch niveau. Deze omgevingsinvloed is inmiddels onomstotelijk aangetoond. Ook wat de andere invloed betreft, de genetische predispositie of erfelijke aanleg, is inmiddels duidelijk dat die bijdraagt aan de ontwikkeling en werking van het brein. Tikkeltje open deuren, als je het mij vraagt. Maar dat doet niemand, mij dat vragen, dus laten we deze vaststellingen maar even zijn voor wat ze zijn: vaststellingen.

Touwman vervolgt met een klacht. Wanneer het fout gaat in het hoofd, komen de oplossingen voor verbetering (therapieën, met name) en zelfs genezing uit de lucht vallen als manna. Het meeste van dit soort psychiatrische manna is niet echt goed, zeker maar gerust zeer slecht. Veel therapieën zijn gebaseerd op vage veronderstellingen die ook nog eens zelden werken. Het zijn therapieën die kant noch wal raken en die vaak meer zeggen over degene die de therapie aanhangt of heeft bedacht dan dat een mens met mentale problemen er iets aan heeft.

Beetje uit de lucht gegrepen, deze passage in het proefschrift. Enfin, ze vervolgt:

Stemmingsgestoorde mensen, een pluriforme groep mensen met manische en/of depressieve klachten, heeft sinds enige tijd baat bij zogenaamde ‘fysieke therapieën.’ Dat is enerzijds het lichaam in beweging houden door gematigde sport zoals wandelen of een baantje trekken in het zwembad, en anderzijds het lichaam de juiste voedingsstoffen te geven. Touwman haalt in haar inleidende hoofdstuk flink wat literatuur aan. Met name de chemische stoffen tryptofaan en omega-3 krijgen een uitgebreide bespreking in het proefschrift.

De therapie die zij voorstelt, is een gevolg van tamelijk selectief gebruik van onderzoeksresultaten. Walnoten zijn het antwoord. Als olie, in poedervorm (zij adviseert snuiven), als smeuïge pasta, of gewoon als noot: de ‘actieve stoffen vormen een schild tegen stemmingen.’

Die laatste zin is om te huilen. Nergens een onderbouwing, onderzoek doet ze al helemaal niet, en laten we wel zijn: het is bijna een soort tarotkaart-lezerij. Ze beweert zelfs in haar aanbevelingen dat walnoten depressiviteit kunnen genezen.

Eindoordeel: Ofschoon het juist is dat voeding en beweging een invloed hebben op extreme stemmingswisselingen, zijn aan de claims van Touwman geen touw vast te knopen. Had ze gesproken over rust, regelmaat en reinheid, dan had ze dichter bij een zinnige behandeling van stemmingsstoornissen gezeten. De complexiteit van de hersenen maakt dat eenvoudige behandelingen van een psychiatrische stoornis met slechts één voedingsmiddel naar het rijk der fabelen moeten worden verwezen. En walnoten zijn best lekker, maar depressiviteit stop je er niet mee.

Net zo min dat op 1 april alles waar is.

© Rick Ruhland 2019

Over manische depressiviteit: algemeen

Onze geest is in staat sprongen te maken. Onze soort de mens kan linken leggen tussen de meest uiteenlopende kennis, zintuiglijke indrukken, emoties. Dat doen we aan de lopende band. We kunnen terug kijken en vooruit plannen. Onze geest maakt voorstellingen van werelden die nog nooit gezien zijn, is de bron van creatieve uitspattingen die realiteiten beschrijft die voorbij ons nu liggen. In wetenschap, in kunst, en zelfs ons dagelijkse verkeer gebruiken we kennis die eerder is verworven, gaan we uit van aannames, en leggen we relaties die we niet direct zien, maar die er wel kunnen en zelfs moeten zijn.

Dat ‘moeten zijn’ is geen absoluut, dwingend, van boven opgelegd verband, maar een construct op basis waarvan wij logische gevolgtrekkingen kunnen maken over datgene dat we niet zien, in verleden en heden en toekomst. Voorbeeld? De straten zijn nat, dus het heeft geregend. Nou koos ik dit voorbeeld om meerdere redenen. De simpelste vorm: waarschijnlijkheid. En ofschoon regen wel juist zal zijn, het kan feitelijk ook gesneeuwd of gehageld hebben, of een groep studenten heeft het record samen op straat plassen proberen te verbeteren, of de buurvrouw heeft de stoep geschrobd, of een luchtballon vloog over met een paar mensen die overal waterballonnen gooien.

In al deze gevallen is de logica te vinden in de redenen. Maar niet alle redenen zijn even valide. Valide wil zeggen: logischer dan andere. Meer voor de hand liggend. Of: waarschijnlijker. De laatste reden die ik gaf, van de luchtballon en waterballonnen, is minder waarschijnlijk dan regen.

Een leuke vorm van die ontbrekende logica: kunst. Daar komen mooie dingen uit voort.
Maar wat als het mis gaat? Dat is het geval bij mensen die aangeboren hersenafwijkingen hebben. Vaak zijn die afwijkingen aan te tonen met scanapparaten (van EEG, fMRI, röntgen tot PET en CT).

Wat nou als mensen gedrag vertonen dat niet zo goed te zien is, op het eerste gezicht, maar dat niet aangeboren lijkt of is, en dat niet prettig is voor de persoon in kwestie, volgens buitenstaanders? Denk daarbij aan eetstoornissen: te weinig eten of juist teveel of ongezond. Slaapstoornissen: te weinig, te veel, slecht slapen. Seksuele problemen. Angsten en dwang. Dat zijn er nog maar een paar, en het zijn de hoofdcategorieën; in de onderverdeling zitten de meest uiteenlopende varianten.

Voor veel mensen die lijden aan deze stoornissen geldt, dat ze zichzelf niet als ziek zien. Zij zien zichzelf gewoon zoals ze zijn. Niets vreemds aan. De buitenwereld ziet het vaak echter anders, zeker wanneer iemand door zulke mentale / geestelijke afwijkingen zichzelf in de problemen brengt, of problemen voor anderen geven.

Voor ik verder ga over een specifieke stoornis, namelijk Manische Depressiviteit, moet me van het hart dat niet alleen qua mentale stoornissen niets te zien. Er is nog een variant van onze hersenen die je van de buitenkant niet kunt zien, namelijk intelligentie. Als je iemand tegenkomt, misschien mensen met geestelijke handicaps daargelaten, kun je niet zien of z/hij slim is. Ik heb tot in mijn tienerjaren gedacht dat iedereen zo was als ik. Dat iedereen net zo slim was. Dat iedereen het leuk net zo leuk vond om kennis op te doen, nieuwe vaardigheden te leren, puzzels te maken, en ga zo maar. Dat bleek niet zo zie zijn. Ik kwam er in mijn pubertijd achter dat ik op bepaalde vlakken sneller dacht, weidser ook. Geen onderwerp is voor mij ‘auf Anhieb’ oninteressant. Ik bleek een uitzondering. De meeste mensen houden het bij een paar interesses. Ik niet. Ik ben van karakter een homo universalis.

Goed, dat zie je niet aan mij. Die slimheid, die interesse in de meest uiteenlopende onderwerpen, de behoefte tot creëren van muziek en teksten, dat staat niet op mijn lijf of gezicht geschreven.

Dan nu: een klein sprongetje naar de manische depressiviteit. Ik ben daar namelijk voor gediagnosticeerd. Tot dat moment had ik het idee dat ieder mens met de diverse symptomen van de stoornis rondloopt. Beter gezegd, ik had niet het idee dat ik afweek, dat het niet normaal was dat ik allerlei verschijnselen had die horen bij de bipolaire stoornis (een andere naam voor manische depressiviteit). Net zoals ik eerst dacht dat iedereen even slim was als ik. Ik had last van de symptomen, maar ik beet me er steeds doorheen, met heel veel moeite en vaak tegen de dood aanschurkend. Ik worstelde, ik had periodes dat het raasde in mijn hoofd. In zulke periodes, manisch en/of depressief, gingen gepaard met drugs en drank, gokken, seksueel niet gepast bezig zijn, suïcidaal zijn, dwanghandelingen, angsten, slaapproblemen, om maar een paar te noemen. Het werd steeds erger, tot ik dus door een vriendin gedwongen werd hulp te zoeken.

Het gekke is: ik kan goed nadenken over al die kwesties. Althans, als ik niet helemaal boven ben (manisch) of helemaal beneden (depressief). Ik weet ook dat ik dit ‘gedoe in mijn brein’ niet wil. Het is geen keuze, al lijken sommige mensen, die – zo heb ik geleerd – vol vooroordelen zitten over mensen met deze hersenellende, dat wel te denken. Hell no, ik geniet te veel van het leven om te kiezen voor het manische en depressieve.

Daarom wil ik mensen die mijn weblog lezen vertellen wat dat bipolaire nou eigenlijk is. Ik ben in een minder zware fase, feitelijke een gemengde episode. Van het Kenniscentrum Bipoaire Stoornissen (zoek je hulp, klik hier voor de website van het kenniscentrum): “Indien manische en depressieve verschijnselen aanhoudend gelijktijdig of in zeer snelle afwisseling optreden spreekt men van een gemengde episode. Een dergelijke dysfore manie (“ontstemd en ontremd”) is vaak moeilijk te onderscheiden van een geagiteerde depressie (“rusteloos en lusteloos”). Versnelling en het niet kunnen stoppen van de gedachtegang duiden vaak op een onderliggende manie.” Omdat de episosde wat minder zwaar is, denk ik nu iets helderder over mijn eigen geest en kan daarom wat zeggen over de verschijnselen en hoe die zich verhouden tot een “normaal” leven. Tot het weer mis gaat. En wanneer dat is, dat weet ik niet.

Een ding voordat ik inga op kenmerken, verschijnselen, symptomen, voorbeelden: het is geen keuze en het is niet zomaar een dip. Een dip heb ik ook. Mindere dagen dat het allemaal niet wil. Maar wanneer de dip te diep is, wanneer wanen en zintuiglijke verstoringen, extreme boosheid en verdriet om de eerste plaats strijden, als slaap en eten niet helpen te leven, en nog veel meer, dan is er echt iets aan de hand. Aan de handen zelf. Laatste – noem het een waarschuwing – opmerking: bipolaire mensen zijn lastig. Maar het zijn wel mensen. Met humor, intelligentie, creativiteit. Want die heb ik nog steeds in overvoed. Overvloed.

Daarom wil ik dit jaar mijn weblog vullen met uitleg over symptomen, kenmerken, voorbeelden van een bipolaire stoornis. Zoals ik die ervaar.

© Rick Ruhland 2019

Brieven Aan Koning Therapeut 25

He Doc,

Kent u dat spelletje? Welk dier ben je? Wel, ik vind dat geen spelletje meer. Ik ben er achter gekomen dat ik een dier ben. Geen aap of iets dergelijks. Nee, ik ben een hamstersalamander.

Daar kun je niets mee, is het wel? Want ik heb eens gekeken of de bijbel van psychiaters iets over mensen en dieren zegt. Maar mooi niet. Dat boekje genaamd de DSM is dus een prutschrift.

Steek die maar in je hol. Het hol van de leeuw.

Grrrrrr.

Martha

© Rick Ruhland 2019

Dwangbeest

De mens is een boekhouder. De mens houdt bij. Wie schrijft, die heeft geteld. De eerste geschriften waren geen teksten om te lezen, zoals romans of kranten tegenwoordig, maar opsommingen. Lijsten van goederen. Data in het jaar. Pas veel later werd het schrijven gebruikt om een verhaal, een lied, een geschiedenis op te tekenen.

Googleplex interessant om te constateren is dat woorden als vertellen en vertalen iets met tellen te maken lijken te hebben. Ook in andere talen, zoals het Duits, is die relatie te vinden. Wie meer wil lezen over cijfers en vertellen, over rekenen en mystiek en veel meer, die leze dit artikel van Piet Meeuse.

Getallen zijn mijn lust en mijn leven. Ik tel ook constant. Ik heb een dwang daarin. Of het nou om mijn centen gaat, of mijn ademhaling, mijn stappen als ik hardloop, mijn aandelen, ik moet steeds tellen. Bijhouden hoeveel iets is, in aantal of tijd, of in wat voor eenheid ook.

Ja, dat is vermoeiend. Maar het geeft me tegelijkertijd houvast. Want in deze wereld kennen de Erzählungen van anderen, of het nou teksten of getallen zijn, een ellenlange ellende van entropie. Ik wil geen ellenlange ellende, geen entropie zolang ik leef. Zolang ik leer. Zolang ik meetel. De getallen van mij, zelfs als ik tel hoe lang het duurt als ik sta te plassen, of hoe lang het duurt voor ik de afwas af heb, zijn het enige dat ik nog heb.

Ik heb arithmomanie. Keine Leidenschaft is wie die*.

En:

It’s so clear now that you are all that I have,
I have no fear cause you are all that I have.**

© Rick Ruhland 2019

* Deze tekst is uit het nummer Kleptomanie van de Duitse band Extrabreit.

** Deze tekst is van een lied van Snow Patrol met de titel You’re all I have. Het nummer gaat waarschijnlijk over een liefde (gaan niet alle liedjes over liefde, en haat?), maar voor mij gaat het nummer over een wiskundige reddingsboei.

Zielige dagen in de maand Maart

Ik verbaas me zelf soms. Dan wil ik graag niet depressief zijn, en dan ga ik in plaats van in bed liggen, het internet afstruinen.

Dat is niet altijd een goed of slim iets om te doen. Want dan kom je op sites als deze: een site over de bijzondere dagen van het jaar. In dit geval van de maand maart.

Ga eens kijken op die site. Dan zie je dat er bijzondere dagen zijn. Zoals deze week: Loodgietersdag (vandaag!), Dag van de Nier, en mijn favoriet, aanstaande vrijdag: Dag van de Slaap. In het overzicht van deze week valt verder op dat deze week de week van de hoogbegaafdheid is (zou mijn zoon dat weten? Want als niet, dan is hij ook niet hoogbegaafd, denk ik).

Maar dan nu het zielige: 18 maart en 26 maart zijn helemaal geen dagen. Niets. Niet eens de dag van het Niets. Overigens, april heeft nog meer dagen zonder iets. Zouden dat dagen zijn om een einde aan je leven te maken?

Zielig voor die dagen. Misselijk en ziekmakend. Mij maakt dat enorm neerslachtig. Ik denk dat ik maar weer mijn bed in kruip.

© Rick Ruhland 2019

Brieven Aan Koning Therapeut 24

Doctor, therapeut, meester, hulpverlener,

Ik kreeg voor kerst een boek cadeau. De DSM 4. Dit:

img_0489

Was in de uitverkoop, dunkt me, want de druk is uit 2003. Oud, dus. In ieder geval niet een erg duidelijk boek.

Ik heb het in een avond uitgelopen. Uitgelezen. Wat blijkt? Ik heb het idee dat ik in elke categorie pas.

Kan dat?

Met groeten, en weerzin, een opgewekte hallo van mij allen,

Loretta, Reg, Francis, Stan en Judith

© Rick Ruhland 2019

Schande en beschamend

Ik zocht afgelopen weken (op internet) op de zoektermen ‘bipolair’ en ‘manisch depressief’. Gevolg van zoeken op zulke termen: in de gebruikte browsers krijg ik nu advertenties te zien op het vlak van hulp, psychiatrie en aanverwante charlatans. Een daarvan is een advertentie waarin een bedrijf voorstelt de Online Depressie Zelftest te doen. Wat een misvatting: alsof iemand in geestelijke nood, depressief of manisch of wat ook, zal besluiten dat hij of zij wel even een test zal doen om te zien of de nood aan de man is. NEE NEE NEE. Laat me duidelijk zijn: dat wordt door de geesteszieke niet ingezien, en als iemand dat wel inziet, dan is iemand (nog) niet depressief of manisch. Of zal besluiten dat het probleem bij de anderen ligt. Of wat ook. Im Grunde genommen: manische depressiviteit (ik weet niet of het volgende ook voor een depressie geldt; ik spreek dan maar alleen voor mezelf) is geestverruimend en geestverkleinend tegelijk, zowel botte werkelijkheid als hallucinerende irrealiteiten, essentie-afsluitend en werelden-openend.

Wie ook maar een beetje de literatuur over (manische) depressiviteit kent, weet dat stemmingsgestoorden zorgmijders zijn. Die kiezen er niet voor hun leven in de handen van psychiaters of psychotherapeuten te geven. Als ze al contact zoeken, omdat de situatie uit de hand loopt of omdat hun omgeving druk uitoefent om hulp te accepteren, dan zijn ze ook heel snel weer weg. Liever zelf doen dan anderen de regie geven.

Terug naar het bedrijf dat depressie degradeert tot een probleempje dat wel even met een online testje kan worden geanalyseerd. Het zou me niets verbazen als hetzelfde bedrijf dat die zelftest propageert, meent dat iedereen aan de pillen moet, en eigenlijk voor iedereen die zij binnenharken als “patiënt”, zware pillen zoals antidepressiva voorschrijven. Omdat ze een band hebben met de farmaceutische industrie die rijk wordt over de ruggen, de geesten in dit geval, van zieke mensen.

Dat bedrijf (zoek op de woorden ‘online depressie zelftest’ en je vindt het bedrijf; het maakt ook niet uit dat het dat bedrijf is; elk bedrijf met die instelling in de geestelijke gezondheidszorg, is fout bezig) heeft zichzelf gediskwalificeerd als hulpverlener. Wat schiet je dan tekort. Verschrikkelijk. Die soort bedrijven hoort thuis in hetzelfde schuitje als vrouwen die op televisie zeggen met overledenen te kunnen praten. Of dat ze kaarten leggen waarin ze de toekomst van iemand kunnen lezen.

Bizar is wel dat de bipolaire geest die dit stukje tekst schrijft, zo intelligent is dat hij het schuitje vol kaartleggers, helderzienden, gebedsgenezers en ander gespuis allang naar de bodem van de oceaan heeft gejaagd. Er is meer onder de hemel dan gebabbel van de onderste plank der menselijke “”wijsheid””. Ik ben van de bovenste plank, overigens: daar waar humor, creativiteit, zelfspot en briljante intelligentie samenkomen.

© Rick Ruhland 2019

Brieven Aan Koning Therapeut 23

Beste dokter,

Ik ben een vrouw van 21, en ik vermoet dat ik een posttraumatische stress-stoornis heb. Die is ontstaan toen ik op mijn 18e verlieft wert op mijn buurjongen. Dat was een half jaar leuk, toen kwam zijn neef erachter dat wij een relatie hebben. Die neef is intens lelijk. Door hem heb ik een PTSS. Mijn huisarts wil me niet door verwijzen want zij geloofd niet dat je door het zien van een zeer lelijke man een psychische stoornis kund oplopen.

Wild u een verwijsbriefje schrijven? U bend knap, net als ik, dus u begrijpd waarschijnlijk wel dat het kan.

Astrit

© Rick Ruhland 2019