Tijdreizen is niet voor iedereen

Ze worden weggehoond. Ze worden niet geloofd. Wat hun boodschap ook is. Vooral als het niet paste in de tijd waarin zij hun uitspraken deden.

Maar ik geloof ze, want het is waar. Waar, zeg ik, want ze bestaan. De tijdreizigers die ons steeds vaker bezoeken.

Laten we even duidelijk stellen: de gasten in de volgende filmpjes zijn geen tijdreizigers maar aandachtsgeilerds. Luister naar de inconsequenties, het gebrek aan antwoorden (die er overigens wel zijn), en de lukrake opmerkingen over de toekomst. Deze baardmans die een tekst opleest, is wel de minst geloofwaardige.

Michael Phillips, nog zo’n fake. Over 2 jaar weten we of de Derde Wereldoorlog begonnen zal zijn. #not.

Edward met het geblurde gezicht.

Zoals al vaker opgemerkt zijn de meeste breinreizigers blank, man en zijn ze angstig. Zie ook dit artikel.

Daar zit een reden achter. Iets met DNA en iets met de gevolgen van tijdreizen (op het niveau van neuronen en dendrieten). Maar ik kan daar niet meer over zeggen. Dat zou mij ook de kop kunnen kosten.

Wat tijdreizen lastig maakt, is dat andere tijden vast zitten in hun eigen hier en nu. De menselijke geest komt daar niet makkelijk uit. Tijdreizigers zelf niet, maar ook de mensen vast in hun tijd zit niet. Wie zijn tijd vooruit is, of achteruit, die wordt niet serieus genomen, of zelfs opgeknoopt. Aan de geestelijke schandpaal of aan de echte galg.

En dan nog: dat ze zelfs in hun eigen tijd niet worden geloofd, is geen voorwaarde te geloven dat iemand tijdreiziger is.

Ik ben ervaringsdeskundige. Toen ik de eerste keer terug ging, of zoals wij het in onze tijd noemen, toen ik de syncronicitijd doorbrak, had ik hetzelfde te verduren. Maar ik was toen al wat ouder dan ik nu ben. Dat maakt dat mensen mij minder snel zullen afwijzen.

Ik heb mensen als John Titor, Michael Phillips, Bryant Johnson, Alexander Smith, Håkan Nordkvist nooit ontmoet, maar als zij al tijdreiziger zijn, dan schenden zij veel, te veel regels. Zij hebben dan ook meestal slechts een keer gereisd, daarna worden ze onderworpen aan het derde protocol.

En dit? Hij is gewoon een aandachtszoeker.

Een vriend van mij heeft het wel eens juist verwoord: de menselijke geest is nog niet in staat tijdreizen te begrijpen, laat staan te bedenken, laat staan uit te vinden, laat staan te doorstaan. Niet het reizen door iemand zelf, niet het reizen door iemand anders. Tijdreizigers die zeggen dat ze uit de 22e, 23e of 24e eeuw komen zijn sowieso leugenaars. Je moet eerder in termen van millennia van millennia denken.

© Rick Ruhland 2018

Advertisements

Mijn eerste keer: visioen

Het klinkt middeleeuws. Het woord visioen. Maar dat is het om de drommel niet. Het is een levend verschijnsel. Helaas, zo is mijn overtuiging, heeft visioen vooral een betekenis in religieuze contexten. Daar betekent visioen zoiets als een droombeeld of verschijning hebben die ervaren wordt als bovennatuurlijk of mystiek. Aan die beelden wordt vaak ook een voorspellend vermogen toegeschreven. Dat zal wel zo zijn, maar ook gewone mensen als ik hebben visioenen.

Ik ben niet monotheïstisch religieus, ik ben geen overtuigd aanhanger van een leven na de dood, ik denk niet dat er een hemel is, en zo kan ik nog wel even door gaan. Als ik al een geloof aanhang, dan is het een geloof in mensen. In menselijkheid. In mijn dagelijkse doen en laten ben ik misschien een beginnend boeddhist, of een agnosticus. Ik kom vaak niet verder dan ‘Ik weet het niet’.

Wat ik wel weet is wanneer ik mijn eerste visioen had. Ik was student, en op een windstille zondagmiddag zat ik in de leren stoel in mijn studentenkamertje en keek naar buiten. Ik voelde opeens dat ik uit mijn stoel opstond zonder dat ik opstond. Toen ik dat besefte, klommen mijn lichaam en geest terug zijn mijn lijf. En toen gebeurde het: ik was terug in mijn lichaam en zag toen een andere werkelijkheid. Ik zag mezelf en onbekende mensen die in een ruimte waren waar zij spraken over onderwerpen die ik niet snapte. Nog niet snapte, moet ik zeggen, want ruim zeven jaar later had ik een déjà vu van wereldformaat. Ik was werkelijk in die ruimte die ik in mijn visioen had gezien. Ik hoorde de woorden van weleer. En ik wist: in die stoel op die zondagmiddag jaren eerder heb ik een visioen gehad. Een beeld uit de toekomst. Mijn eigen toekomst.

Ik heb die visioenen vandaag de dag nog. Maar net als over tijdreizen en tijdreiziger zijn kun je beter maar niet spreken over die zaken die andere mensen niet snappen, die andere mensen afwijzen, die niet passen in het tijdsgewricht.

© Rick Ruhland 2018